STARTEN ALS FWO-ASPIRANT TER VOORBEREIDING OP DOCTORAAT


HET IS EEN STRENGE SELECTIE, ALLEEN DE TOP SLAAGT

Elk jaar kent het FWO aspirantenmandaten toe aan jonge, beloftevolle onderzoekers. Bioinformaticus Leila Paquay (UHasselt) en biologe Sophie Gresham (UAntwerpen) kregen elk zo’n felbegeerd mandaat. De komende jaren zullen ze zich met de steun van het FWO inzetten om hun doctoraat te behalen.

Proficiat met jullie mandaat als FWO-aspirant! Waarover gaat jullie doctoraatsonderzoek precies?

Gresham: “Ik onderzoek hoe hybridisatie de evolutie bij cichliden beïnvloedt. Cichliden zijn een zeer diverse tropische vissenfamilie waarvan de meeste soorten in de grote meren van Afrika leven. Hun grote diversiteit maakt hen bijzonder interessant voor diepgaand genetisch onderzoek rond hybridisatie. Cichliden kruisen onderling erg makkelijk, wat leidt tot de uitwisseling van genetisch materiaal en het ontstaan van nieuwe soorten. Hybridisatie kan mogelijk verklaren waarom cichliden zo divers zijn geworden. Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in de evolutionaire biologie. Evolutie, de genetische verandering van organismen in de loop der tijd, is voor mij een van de meest fundamentele processen van het leven.” Paquay: “Mijn doctoraatsonderzoek spitst zich toe op industriële hennep. In tegenstelling tot marihuana bevat industriële hennep een zeer laag percentage THC (tetrahydrocannabinol), de stof die je high maakt. Ik bekijk hoe schimmels en bacteriën interageren met hennep als gastheer en hoe ze ertoe kunnen bijdragen om kwaliteitsvolle hennep met een hoge opbrengst te krijgen. We staan niet vaak stil bij de interacties die bestaan tussen micro-organismen en planten. Nochtans is het een enorm fascinerende wereld.”

Jullie doctoraatsonderzoek loopt twee jaar en kan met twee jaar verlengd worden. Welk resultaten hopen jullie na afloop voor te leggen?

Paquay: “Onderwerpen als duurzaamheid en innovatie staan steeds hoger op de agenda van de industrie. Bedrijven zetten steeds meer in op duurzame maatregelen binnen productie, logistiek en transport. Industriële hennep kan daarin een belangrijke rol spelen. Het biedt een veelbelovend, milieuvriendelijk alternatief voor een breed aanbod aan producten. Hennepvezels zijn namelijk ongelooflijk sterk en duurzaam. Bovendien groeit de plant snel en heeft ze niet veel water nodig. De vezels kunnen bijvoorbeeld gebruikt worden voor isolatiemateriaal in de bouw of verwerkt worden in de binnenkant van deurpanelen in de autosector.” “Door kennis te vergaren over de rol die bacteriën en schimmels kunnen spelen bij een gezonde groei van gewassen, kunnen we duurzame landbouwpraktijken helpen ontwikkelen. Boeren kunnen de nieuwe inzichten gebruiken om hun gewasopbrengst te verhogen of bepaalde planteigenschappen te verbeteren. Ten slotte kan ik mijn steentje bijdragen om de huidige bio-informatische analysetechnieken om het plantenmicrobioom te bestuderen, verder te ontplooien.” “De markt voor industriële hennep is nog een niche, maar ze zit duidelijk in de lift en surft mee op de groene golf. Er is niettemin nog heel wat onderzoek nodig om de opbrengst van kwaliteitsvolle hennep te verhogen. Ik wil daaraan mijn steentje bijdragen.” Gresham: “Ik wil in de eerste plaats een beter begrip krijgen van de mechanismen van evolutie en hoe hybridisatie daarin een rol speelt. Cichliden lenen zich daar perfect toe, omdat de evolutionaire processen bij deze vissen nog altijd bezig zijn. We kunnen dus in real time de evolutie bestuderen. Tegelijk wil ik de analysetechnieken die gebruikt worden om hybridisatie te bestuderen, verder ontwikkelen, zodat ze breder toepasbaar zijn voor andere soorten. Mijn promotor kent enorm veel van de nieuwste bio-informatische technieken binnen ons vakgebied en kan rekenen op een breed netwerk van internationale experts. Dat laat ons toe om met uitgebreide datasets van cichliden uit het meer van Malawi te werken, door geavanceerde technieken zoals volledige genoomanalyse te gebruiken. Die methode laat ons toe om de volledige DNA-sequentie van een organisme, ofwel het genoom, in kaart te brengen, in plaats van enkel bepaalde genen te onderzoeken. Dat biedt ons de kans om een beter beeld te krijgen van de evolutionaire geschiedenis van cichliden.” “Ten slotte heb ik toegang tot de infrastructuur van het Vlaams Super-computer Centrum (VSC) voor data-analyse. Die supercomputers, die door het FWO in samenwerking met de vijf Vlaamse universiteiten en hun associaties worden beheerd, hebben een enorme bewerkingscapaciteit, wat essentieel is om grootschalige genomische datasets te kunnen analyseren.” Paquay: “Ook ik wend me tot moleculaire technieken voor mijn onderzoek, meer bepaald amplicon sequencing en metatranscriptomische technieken. Ik zal bovendien zelf een microbiële gemeenschap creëren, kunstmatig samengesteld uit microben met een schijnbaar belangrijke rol bij de hennepteelt. Dit alles helpt me om de samenstelling van de microbiële gemeenschap in kaart te brengen en de invloed die deze micro-organismen kunnen hebben op een kwalitatieve hennepopbrengst beter te begrijpen. Om de vele data correct te analyseren, komt mijn achtergrond als biologe en bio-informaticus goed van pas.”


"Een FWO-mandaat schept mogelijkheden voor de toekomst, of je nu een academische loopbaan ambieert of een job buiten de academische wereld"
Leila Paquay

Hoe zijn jullie ertoe gekomen om een aanvraag in te dienen bij het FWO voor jullie doctoraat?

Gresham: “Na mijn master biologie aan de universiteit Imperial College London kon ik in het Museum voor Natuurwetenschappen in Brussel aan de slag als onderzoeksassistent. Daar werkte ik voor het eerst mee aan onderzoek naar de evolutie bij cichliden. Ik leerde er ook andere experts in België kennen die ook op cichliden werken, waaronder mijn promotor aan de UAntwerpen. Hij wilde me als doctorandus begeleiden bij mijn FWO-aanvraag voor aspirant fundamenteel onderzoek.”

Paquay: “Ik leerde mijn promotor kennen tijdens mijn master in de bio-informatica aan de KU Leuven. Ze zocht iemand met interesse en expertise in data-analyse bij micro-organismen. Ik kreeg de kans om met mijn onderzoek rond hennep te starten aan het laboratorium van het Centrum voor Milieukunde aan de UHasselt. We dienden een FWO-aanvraag in en een jaar later kon ik als volwaardig FWO-aspirant aan de slag.”

Waarom staat een mandaat bij het FWO zo hoog aangeschreven? Waarin verschilt het bijvoorbeeld van rechtstreekse financiering via jullie onderzoeksinstelling?

Gresham: “Bij het FWO je doctoraat kunnen voorbereiden, biedt in de eerste plaats een bepaalde zekerheid en continuïteit. We worden financieel ondersteund voor een langere periode, mogelijk vier jaar, en dat geeft ons de nodige ruimte. Kortere beurzen of mandaten verplichten je als onderzoeker om telkens opnieuw op zoek te gaan naar de nodige steun en financiering. Dat slorpt tijd op, brengt veel extra administratief werk met zich mee en houdt je weg van je eigenlijke onderzoek. Het is enorm geruststellend om te weten dat ik me dankzij mijn FWO-mandaat de komende vier jaren kan focussen op mijn onderzoek.”

Paquay: “Daarnaast is het FWO een toonaangevende naam in de wetenschappelijke wereld. Een FWO-mandaat toegewezen krijgen, is zeer waardevol. Het gaat om een strenge selectie; alleen de top slaagt erin. Weten dat een hoog aangeschreven instelling als het FWO jouw verdiensten als wetenschapper waardeert en dat de experts in je geloven, geeft je zelfvertrouwen een serieuze boost. Het schept tegelijk ook veel mogelijkheden voor de toekomst, of je nu een academische loopbaan ambieert of een job buiten de academische wereld.”

“Weten dat de FWO-experts in je geloven, geeft je zelfvertrouwen een serieuze boost.”

“Voor onze aanvraag moesten we ook een duidelijk meerjarenplan opstellen. We werden verplicht om vooruit te denken en te plannen. Wat willen we binnen vier jaar met ons onderzoek bereiken? Welke weg willen we uitgaan? Die brede kijk is elders niet altijd een strikte voorwaarde. Het helpt me enorm vooruit om te weten waar ik naartoe werk en het brengt een duidelijke lijn en structuur in mijn onderzoek. Tegelijk kregen we kostbare feedback en aanbevelingen van FWO-experts.”

Jullie zijn ondertussen al even gestart met jullie doctoraatsonderzoek. Hoe verloopt het tot nu toe?

Gresham: “Voorlopig gaat het erg goed. Ik ben me volop aan het inwerken in de te gebruiken analysetechnieken, om die perfect onder de knie te hebben en later de data correct te bestuderen.”

Paquay: “Ook ik zit mooi op schema. We hebben al internationale contacten opgezet met Canadese onderzoekers en industriële partners, die ons betrouwbare data kunnen bezorgen. Ik bekijk momenteel of het mogelijk is om een doctoraatstage te volgen in Canada, bijvoorbeeld rond moleculaire onderzoekstechnieken.”

Gresham: "Ook dat is een grote meerwaarde van een FWO-mandaat: internationale samenwerking wordt sterk aangemoedigd. Het FWO beseft dat de wetenschappelijke wereld zeer internationaal is. Zo krijgen de aspiranten bijvoorbeeld een toelage als tegemoetkoming in hun werkingskosten. Die toelage kan je onder meer aanwenden voor verblijfkosten in het buitenland en deelname aan internationale congressen die in lijn liggen met je onderzoek.”

Het uiteindelijke doel als FWO-aspirant is het behalen van je doctoraat. Denken jullie al na over wat daarna kan volgen?

Paquay: “Het is misschien een zotte droom, maar na mijn doctoraat zou ik graag een half jaar onderzoek doen in een wetenschappelijk basisstation zoals in Antarctica. Ook daar wil ik micro-organismen en hun interactie met andere levende organismen bestuderen. Daarna zou ik misschien de bedrijfswereld willen verkennen.”

Gresham: “Je weet nooit wat de toekomst brengt. Wie had gedacht dat ik in België zou belanden? Ik alvast niet. Ik sta open voor nieuwe kansen, maar zou graag in de academische wereld blijven. Een postdoctoraat binnen evolutionair onderzoek behoort sowieso tot de mogelijkheden.”


"Het FWO moedigt internationale samenwerking sterk aan: een grote meerwaarde"
Sophie Gresham